‘Adventure is out there’ slaat ineens op Nederland?

Ongeveer 10 jaar geleden vertrok ik op mijn 23e vanuit een intense honger om de wereld te ontdekken naar de stad waarop ik op slag verliefd werd: New York City. We hadden een blind date. New York en ik waren tot dat moment vreemden voor elkaar geweest en niets leek erop dat we een match zouden zijn. Ik ben een meisje uit de polder, was geboren aan een dijk, mijn haar rook naar kermisbier en ik zou zeer waarschijnlijk gaan wonen in een doorzonwoning met een tuin. We hadden onmogelijk kunnen voorzien hoe gelukkig ik werd van Manhattan. Ik heb het niet over een geromantiseerd beeld, ik heb het over pure liefde voor een stad waar ik soms nog naar verlang. Liefde voor Manhattan, het volk, wonen in Harlem en elke dag weer de stoute zakelijke schoenen kunnen aantrekken. Het was de achtbaan die ik nodig had om los te komen van die polder, van sparen voor de kermis en van mijn huis met een tuin. In New York voelde ik me een soort Super Woman. Ik was high van Manhattan, high van ver weg zijn waar alles anders was. Alicia Keys zong over dat gevoel zelfs een liedje.

 

Terug in Nederland draaide het voor mijn ogen. Lopen door de Kalverstraat voelde super weird, alsof ik op vakantie was. In een omgekeerde cultuurshock moest ik er zelfs een paar keer triestig van janken en ik was niet de beroerdste om dat met mijn omgeving te delen. Waarom was ik geboren in Nederland en hoe kon ik hier ooit nog blijer worden dan in New York?! Amsterdam was ineens een klein dorp vol toeristen, alles om me heen ging langzaam en vaak onder het nodige gezeur op de maatschappij of het klimaat. Ik was gewend geraakt aan het snelle en superlatieve optimisme van de gemiddelde New Yorker. Het superlatieve waar ik ook nu nog absoluut gek op ben en me graag in onderdompel. Ja, geef mij de Amerikaanse tandeloze buurman die elke ochtend tegen je zegt ‘how amazing you look today’, al die mensen die altijd tijd hebben om af te spreken (really can’t wait to see you again!) en de groep gelijkgestemde New Yorkers die het niet in hun hoofd halen om een gezin te stichten. Nederlandse nuchterheid bleek niet meer echt mijn ding.

 

Na een half jaar wonen in New York waren dingen daar prettig normaal geworden. Met Mach 3 was ik gewend geraakt aan veel van alles. Het was vrij helder, New York was absoluut waar ik moest zijn. Na er 160 paar schoenen bij elkaar te hebben gespaard koos ik toch een andere afslag, en nog een andere, nog een andere en nog een andere. Waarom?! Vraag ik me soms nog weleens af. Het superlatieve vond ik bij de eerste afslag in een in superlatieven communicerende liefde. De wereld was nog steeds mijn plek en elke maand werd een nieuw ‘shotje-over-de-grens’ gehaald. Toen vaak kort, later soms ook voor langer zoals Zuid Afrika. Hoeveel landen en steden het zijn geweest weet ik niet eens en het is niet zo dat ik als hoogbejaarde mag zeggen dat ik de tel niet meer heb bijgehouden. De wereld wordt gewoon steeds kleiner als je vaak reist. In de afgelopen twee jaar was ik 60% van de tijd ‘weg’. Mijn hart haalde ik in veelal lange halen op in Zuid Afrika, Japan, Curaçao, Amerika, Zürich, een paar keer Frankrijk, nog meer Curaçao en kort geleden nog een toefje Malaga. Waar mensen hun koffer pakken, ga ik mee. Willen mensen niet weg, dan ga ik wel alleen. Van alles dat dit vrije patroon zou kunnen doorbreken hield ik een beetje afstand, zoals liefdes die met me naar de GAMMA wilden. Wie verslaafd is aan ver weg gaan wil natuurijk maar een ding: meer. En nog meer weggaan, dat kan niet meer als je ongemerkt bent vastgemetseld aan een ‘burgerlijk bestaan’.

 

Logisch genoeg wordt de hunkering naar vrijheid en zo’n blije verslaving aan gereis niet gezien als iets problematisch. Zo zou ik het ook zeker niet willen zien. Sommige mensen hebben er zelfs ‘respect’ voor. Alleen, wat onbewust gebeurde is dat elke reis wel iets minder speciaal werd. Waar ik nog hyper werd van door de douane lopen om mijn vlucht naar Los Angeles en New York te pakken, ervaar ik dat nu heel anders. Het is heerlijk, maar voelt niet meer als avontuur. We gaan met de bus, eh… het vliegtuig van A naar B. Als een soort van ‘vandaag ga ik nieuwe onderbroeken kopen in New York’ to do. OMG ben ik nu Reis-Rupsje-Nooit-Genoeg?! Ik ben me bewust van de achterlijke afstomping van mijn over-de-grens-blijheid. Misschien dat ik me er zelfs een beetje voor schaam. Iemand noemde het net bij de gate zelfs laksigheid. Dat is toch niet wat je wilt zijn. De opkomende verzadiging is aanleiding geweest van een actueel avontuur: wonen op een grote-mensen-adres in Den Haag. Er zijn vrienden die wedjes hebben gelegd op hoe lang deze ‘vastigheid’ gaat duren, gebaseerd op een persoonlijk record van zo’n 10 verhuizingen in drie jaar tijd. Ik durf er geen uitspraken over te doen, maar mijn eigen vermoeden is dat ik die persoonlijke records niet meer ga breken. Het is even wennen geblazen op vaste grond, en dat gaat gepaard met geestelijke afkickverschijnselen zoals ik ze vandaag zie, maar ik kan na zoveel ver-weg-honger zeggen dat veel en alleen reizen effectief gewoon hetzelfde werkt als elke dag lekkere zuurkool eten. De eerste keer is het goddelijk, daarna probeer je het nog op 20 andere manieren en op een gegeven moment is elke dag zuurkool gewoon niet meer zoals het was op dag één.

 

Zuurkool eten in Den Haag gaat al drie maanden best goed. Op station Nederland vindt een ander soort superlatiefheid plaats die ik ook kan waarderen. Zoals mensen die bij het krieken van de dag oprecht tegen je kunnen zeggen dat je er uitziet als geraakt door een vrachtwagen en het feit dat ik maanden van tevoren via Datumprikker.nl een afspraak moeten inplannen met m’n beste vriendinnen, omdat ze het druk hebben met hun gezin. Oprechte feedback houdt je scherp, met het ver van tevoren inplannen van tijd waardeer je de momenten samen stiekem veel meer en natuurlijk ben ik knettergek op de mensen hier zoals de offspring van die vriendinnen. Mijn intense liefde voor New York is gelukkig nog altijd intact, net als die voor grootse avonturen. Ik koester mijn relatie met NYC en besef me dat avonturen voor mij niet meer alleen bestaan uit reizen naar grote steden en verre landen die inmiddels in mijn comfortzone horen. Avontuur is voor mij misschien nu vooral te vinden op fietsafstand. “Adventure is out there” slaat ineens op dichtbij. Het is te vinden binnen een straal van 10 km rond mijn voordeur, waar de mensen gelukkig net zo hartelijk zijn als in Harlem. Avontuur is nu thuis in de vorm van rust, ritme en regelmaat. Van die dingen waar baby’s op rollen, maar die ik nog moet oefenen. Ik herinner me ineens dat er ook best wat ogenschijnlijk ‘flauwe’ avonturen op mijn bucketlist staan, zoals het hebben van een hond. Mijn hypothese dat langdurig reizenden en adventure seekers nooit meer in staat zouden zijn om in een normaal huis te wonen en een ‘normaal’ bestaan te leiden is om zeep geholpen. Ik zie het ze allemaal doen: kiezen voor het nieuwe avontuur dichtbij dat volgt op vele avonturen ver weg. Goed te doen zou je denken. Ik zeg nu nog even: f*ckin scary adventure.

 

Bye bye, er moet een vliegtuig worden gepakt voor mijn essentiele shotje superlatief New York: fietsen over 5th Avenue en koffie drinken met mijn New Yorkse BFF Kameko.